ECLI:NL:CRVB:2007:BA9361
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering toeslag op grond van Toeslagenwet vanwege inkomsten partner
Betrokkene ontving een toeslag ingevolge de Toeslagenwet (TW) naast een WAO-uitkering. Zijn partner ontving een WAZ-uitkering die niet tijdig aan de toeslagverlenende instantie was gemeld. Dit leidde tot een besluit tot intrekking en terugvordering van de toeslag en oplegging van een boete wegens schending van de inlichtingenplicht.
De rechtbank stelde dat de toeslag niet terug mocht worden herzien vanaf de datum van toekenning van de WAZ-uitkering aan de partner, maar pas vanaf een jaar later, omdat de melding te laat was gedaan. De Raad voor de Rechtspraak vernietigde dit oordeel en stelde dat de toeslag herzien moet worden vanaf de datum van de WAZ-uitkering, omdat het gezinsinkomen bepalend is en beide partners een inlichtingenplicht hebben.
De Raad verwierp tevens het beroep van betrokkene tegen de boete en de terugvordering, omdat geen dringende redenen waren om hiervan af te zien. De toeslag was onterecht toegekend en de boete was passend gegeven de schending van de inlichtingenplicht. Betrokkene had geen voordeel van de toeslag, die aan schuldeisers ten goede kwam, maar dit deed niet af aan de rechtmatigheid van de herziening en terugvordering.
De Centrale Raad van Beroep verklaarde het hoger beroep van appellant gegrond en het beroep van betrokkene ongegrond, waarmee het besluit tot herziening, terugvordering en boete in stand bleef.
Uitkomst: De toeslag is terecht herzien en teruggevorderd vanaf de datum van toekenning van de WAZ-uitkering van de partner en de boete blijft gehandhaafd.