ECLI:NL:CRVB:2007:BB1605
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Termijnoverschrijding bij bezwaar tegen gedifferentieerd premiepercentage niet-ontvankelijk verklaard
De zaak betreft een geschil over de ontvankelijkheid van een bezwaarschrift tegen een besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) waarin het gedifferentieerde premiepercentage werd vastgesteld. Betrokkene ontving het primaire besluit van 1 februari 2005 niet tijdig en vroeg telefonisch om een duplicaat, dat zij op 9 juni 2005 ontving. Het bezwaarschrift werd gedateerd op 30 juni 2005, maar pas op 22 juli 2005 ontvangen door appellant.
Appellant verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de bezwaarperiode. De rechtbank Amsterdam oordeelde echter dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was, omdat betrokkene niet was geïnformeerd over een kortere termijn dan de wettelijke termijn van zes weken. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat appellant opnieuw op het bezwaar moest beslissen.
In hoger beroep stelde appellant dat volgens artikel 6:11 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) betrokkene het bezwaar zo spoedig als redelijkerwijs verlangd had had moeten indienen en dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat betrokkene vanaf 9 juni 2005 kennis had van het besluit en dat het bezwaar pas op 22 juli 2005 werd ontvangen, waardoor niet tijdig bezwaar was gemaakt. Er waren geen omstandigheden die verzuim konden rechtvaardigen. De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het bezwaar van betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdig indienen.