ECLI:NL:CRVB:2007:BB1618
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Beoordeling privaatrechtelijke dienstbetrekking directeur-aandeelhouder in sociale verzekeringsplicht
Appellante, een onderneming actief in brandbeveiliging, betwistte de verzekeringsplicht van betrokkene, een directeur-aandeelhouder die via zijn persoonlijke vennootschap 45% van de aandelen bezit. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) had op grond van een looncontrole correctienota's opgelegd en de bezwaren van appellante ongegrond verklaard. De rechtbank Arnhem oordeelde dat aan de voorwaarden voor het aannemen van een privaatrechtelijke dienstbetrekking was voldaan, met name dat er sprake was van loon, persoonlijke arbeid en een gezagsverhouding.
De Centrale Raad van Beroep sluit zich aan bij de rechtbank en benadrukt dat een directeur-aandeelhouder zonder doorslaggevende stem in de algemene vergadering in beginsel een gezagsverhouding heeft ten opzichte van de vennootschap. Hoewel uitzonderlijke omstandigheden mogelijk zijn, zijn die in dit geval niet aannemelijk gemaakt. De stemovereenkomst tussen de aandeelhouders en de statutaire bepalingen maken duidelijk dat betrokkene ontslagen kan worden tegen zijn wil. De managementvergoedingen worden gelijkgesteld aan loon en de persoonlijke arbeidsplicht van betrokkene wordt bevestigd.
De Raad wijst het hoger beroep af en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Tevens wordt geen aanleiding gezien om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De uitspraak is gedaan door B.J. van der Net op 26 juli 2007.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de verzekeringsplicht van betrokkene wordt bevestigd.