ECLI:NL:CRVB:2007:BB2103
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- C.W.J. Schoor
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring bezwaar wegens overschrijding bezwaartermijn in WAO-uitkeringszaak
Appellante ontving een WAO-uitkering die door het Uwv bij besluit van 26 april 2006 werd herzien met ingang van 21 juni 2006. Tegen dit besluit maakte zij bezwaar met een brief gedateerd 4 juni 2006, maar deze werd pas op 9 juni 2006 ontvangen door het Uwv. Het bezwaar werd door het Uwv niet-ontvankelijk verklaard vanwege overschrijding van de wettelijke bezwaartermijn van zes weken.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat zij het bezwaarschrift niet zelf had geschreven en dat de vertraging niet haar schuld was. De Raad oordeelde echter dat de bezwaartermijn op 7 juni 2006 was geëindigd en dat het bezwaarschrift op 8 juni 2006 ter post was bezorgd, dus te laat.
De Raad vond geen reden om af te wijken van de niet-ontvankelijkverklaring, aangezien appellante verantwoordelijk blijft voor haar correspondentie, ook als die door een gezinslid wordt verzorgd. Er waren geen omstandigheden die een uitzondering op de termijnoverschrijding rechtvaardigden. De aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: Het bezwaar van appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.