ECLI:NL:CRVB:2007:BB2541
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- C.W.J. Schoor
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit gedeeltelijke WAO-uitkering wegens onvoldoende motivering arbeidskundige grondslag
Appellant, voormalig medewerker ongediertebestrijding, meldde zich ziek met diverse chronische klachten en betwistte de vastgestelde beperkingen en de geduide functies voor zijn WAO-uitkering. Het UWV baseerde het besluit op medische en arbeidskundige rapportages, waarbij functies als productiemedewerker industrie en boekhouder werden betrokken. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar appellant ging in hoger beroep.
De Raad oordeelde dat het UWV onvoldoende had aangetoond dat appellant de functie boekhouder kon verrichten, vooral vanwege de vereiste probleemoplossende vaardigheden die appellant volgens de KFML niet bezit. Hierdoor was de arbeidskundige grondslag onvoldoende gemotiveerd. De medische beperkingen zoals vastgesteld door verzekeringsartsen werden door de Raad niet betwist.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank en beval het UWV een nieuw besluit op bezwaar te nemen, rekening houdend met de overwegingen van de Raad. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het besluit tot toekenning van de gedeeltelijke WAO-uitkering wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.