ECLI:NL:CRVB:2007:BB2708
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAJONG-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante had een WAJONG-uitkering die per 1 februari 2000 werd ingetrokken vanwege een arbeidsongeschiktheid van minder dan 25%. Na bezwaar en beroep werd deze intrekking bevestigd. Appellante verzocht later om herziening van het besluit, stellende dat er nieuwe medische omstandigheden waren en dat eerdere beoordelingen tegenstrijdig waren.
De Raad oordeelde dat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren zoals bedoeld in artikel 4:6 van Pro de Awb. Medische verklaringen en een behandelplan die appellante overlegde, waren onvoldoende onderbouwd, niet duidelijk op de relevante datum gericht en niet afkomstig van een medicus. Ook het vrijgesteld zijn van sollicitatieplicht op grond van een bijstandsuitkering bood geen grond voor herziening.
Verder werd geoordeeld dat de verkorting van de bezwaartermijn naar vier weken appellante niet in haar belangen heeft geschaad en dat de rechtbank terecht geen proceskostenveroordeling uitsprak. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de WAJONG-uitkering wordt bevestigd wegens het ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.