ECLI:NL:CRVB:2007:BB3541
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV niet in behandeling nemen aanvraag arbeidsongeschiktheidsuitkering
Appellant diende in 1997 een aanvraag in voor een Nederlandse arbeidsongeschiktheidsuitkering via de CNSS. Het UWV vroeg nadere informatie, die deels werd verstrekt door de echtgenote van appellant. Op 30 december 2002 besloot het UWV de aanvraag niet in behandeling te nemen wegens onvoldoende gegevens en onduidelijkheden over het arbeidsverleden.
Het bezwaar tegen dit besluit werd door het UWV afgewezen en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het besluit van 30 december 2002 niet tijdig, binnen vier weken na de laatste reactie van appellant, aan appellant was bekendgemaakt, zoals vereist volgens artikel 4:5 Awb Pro.
Hierdoor was het UWV niet meer bevoegd het besluit buiten behandeling te laten. De Raad vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank en bepaalde dat het UWV een nieuwe beslissing op bezwaar moet nemen met inachtneming van de wettelijke termijnen. Daarnaast moet het UWV het betaalde recht van €134 aan appellant vergoeden.
Uitkomst: Het besluit van het UWV om de aanvraag niet in behandeling te nemen wordt vernietigd en het UWV moet een nieuwe beslissing op bezwaar nemen.