ECLI:NL:CRVB:2007:BB3721
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat- van Dijk
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ziekengeld na arbeidsongeschiktheidsbeoordeling
Appellante, voormalig productiemedewerkster, ontving sinds 1998 een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Deze uitkering werd in 2000 ingetrokken omdat zij geschikt werd geacht voor andere functies met voldoende inkomen. Na een ziekmelding in 2002 en zwangerschapsgerelateerde arbeidsongeschiktheid, werd zij in 2003 opnieuw beoordeeld en niet ongeschikt bevonden voor haar laatst verrichte werk.
Het UWV handhaafde dit besluit in 2004 en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. De Centrale Raad van Beroep sluit zich hierbij aan en bevestigt dat het medisch onderzoek volledig en zorgvuldig was. De maatstaf voor arbeid werd correct toegepast, namelijk de in het kader van de WAO geselecteerde functies.
De Raad oordeelt dat een nieuwe hoorzitting niet nodig was omdat dit zou leiden tot herhaling van eerder aangevoerde argumenten. Nieuwe rapporten werden niet als relevant beschouwd. De uitspraak bevestigt het bestreden besluit en wijst een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van ziekengeld en verklaart het beroep ongegrond.