ECLI:NL:CRVB:2007:BB4893
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV over WAO-uitkering wegens onvoldoende motivering en zorgvuldigheid
Appellant, sinds 1977 arbeidsongeschikt en woonachtig in Marokko, kreeg zijn WAO-uitkering herzien op basis van medisch onderzoek door artsen in Marokko. Appellant betwistte de zorgvuldigheid van dit onderzoek en overhandigde verklaringen van zijn behandelend psychiater die een ernstiger psychische toestand beschreven dan het UWV aannam.
De Raad oordeelde dat het UWV onvoldoende rekening had gehouden met de verklaringen van de behandelaars van appellant en dat de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) onvoldoende gemotiveerd was, vooral wat betreft het persoonlijk en sociaal functioneren. Hierdoor kon het besluit niet standhouden.
De Centrale Raad van Beroep vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat het UWV een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van de uitspraak, waarbij ook de arbeidskundige bezwaren van appellant meegenomen moeten worden. Daarnaast werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: Het bestreden besluit van het UWV wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.