ECLI:NL:CRVB:2007:BB5280
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ingangsdatum bijstandsuitkering zonder terugwerkende kracht wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Appellanten hebben bijstand aangevraagd met ingang van 1 januari 2005, nadat appellant 1 werkloos werd na ontslag binnen zijn proeftijd. Het college stelde de ingangsdatum van de bijstandsuitkering vast op 31 mei 2005, de datum van melding bij het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI). De aanvraag voor bijstand over de periode van 1 januari tot 1 juni 2005 werd afgewezen omdat bijstand met terugwerkende kracht slechts wordt toegekend bij bijzondere omstandigheden, die in dit geval ontbraken.
Appellant stelde dat hij aanvankelijk verwachtte snel ander werk te vinden en zich daarom pas op 31 mei 2005 meldde, maar de Raad vond dat hij zich eerder had kunnen melden en dat schulden geen bijzondere omstandigheid vormden. Tevens wees de Raad op artikel 13 WWB Pro dat bijstand voor schulden in principe niet wordt verleend.
De Raad bevestigde dat de ingangsdatum van de bijstand terecht op 31 mei 2005 is vastgesteld en verwierp het beroep van appellanten. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De ingangsdatum van de bijstandsuitkering wordt bevestigd op 31 mei 2005 zonder terugwerkende kracht.