ECLI:NL:CRVB:2007:BB5314
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- C.W.J. Schoor
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beslissing over terugwerkende kracht toeslag en wettelijke rente bij AAW-uitkering
Appellante had bezwaar gemaakt tegen besluiten van het UWV betreffende de toekenning van een toeslag ingevolge de Toeslagenwet en de vaststelling van wettelijke rente over een nabetaling. De rechtbank had het bezwaar gegrond verklaard en het besluit vernietigd vanwege een onjuiste gesplitste besluitvorming, waarna het UWV een nieuw besluit nam.
In hoger beroep stelde appellante dat de grondslag van haar AAW-uitkering herzien moest worden en dat zij schade leed door het besluit. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het bezwaar tegen de hoogte van de AAW-uitkering niet ter beslissing lag bij het bestreden besluit en dat appellante geen bezwaar had gemaakt tegen een ander besluit van het UWV.
De Raad bevestigde dat de rechtbank terecht het besluit vernietigde vanwege de gesplitste besluitvorming, maar verklaarde het beroep tegen het nieuwe besluit ongegrond omdat de berekening van de toeslag en de rente correct was. De Raad zag geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten en bevestigde de eerdere uitspraken.
Uitkomst: Het beroep tegen het nieuwe besluit van het UWV wordt ongegrond verklaard en de vernietiging van het oorspronkelijke besluit bevestigd.