ECLI:NL:CRVB:2007:BB5357
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- R.H.M. Roelofs
- L.H. Waller
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering bijstandsuitkering wegens ontbreken duurzaam gescheiden leven
Appellante was gehuwd met haar echtgenoot en ontving tot oktober 2005 bijstand naar de norm van gehuwden. De bijstand werd beëindigd vanwege onvoldoende medewerking van haar echtgenoot aan een herbeoordeling. Het College van burgemeester en wethouders van Tilburg wees haar aanvraag om bijstand af, omdat zij niet duurzaam gescheiden leefde en er geen dringende redenen waren voor bijstand.
De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van appellante ongegrond en wees haar verzoek om een voorlopige voorziening af. In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. De Raad oordeelt dat appellante en haar echtgenoot nog samenwoonden, beiden op hetzelfde adres stonden ingeschreven en geen sprake was van een duurzame scheiding waarbij ieder een eigen leven leidt.
Daarnaast was er geen sprake van dringende redenen voor bijstand, mede omdat appellante financieel werd ondersteund door haar ouders. Ondanks dat zij de huur had opgezegd en een echtscheiding was uitgesproken, verbleven zij nog samen in de woning en deelden zij voorzieningen zoals boodschappen en koelkastruimte. De Raad acht daarom de weigering van bijstand terecht en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de weigering van bijstand wordt bevestigd.