ECLI:NL:CRVB:2007:BB6678
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks psychische klachten en uitblijven herkeuring
Appellante stelde in hoger beroep dat haar psychische klachten onvoldoende waren meegewogen bij de herziening van haar WAO-uitkering en dat het UWV nog geen actie had ondernomen op haar verzoek tot herkeuring.
De Raad weigerde stukken die na de wettelijke termijn waren ingediend en stelde vast dat appellante niet ter zitting was verschenen. De Raad vond dat de geschiktheid van de functies waarop de herziening was gebaseerd voldoende was vastgesteld en dat het medische onderzoek zorgvuldig en weloverwogen was uitgevoerd, waarbij ook informatie van haar behandelend psychotherapeut en een deskundige psychiater was betrokken.
De Raad onderschreef de eerdere overwegingen van de rechtbank dat de operatie en bijkomende problemen in mei 2005 zich na de datum van het geschil hadden voorgedaan en daarom niet relevant waren voor de beoordeling. Hoewel het UWV nog geen uitvoering had gegeven aan het verzoek tot herkeuring, werd toegezegd dat dit spoedig zou gebeuren.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarmee het bestreden besluit en vond geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering naar 55-65% arbeidsongeschiktheid.