ECLI:NL:CRVB:2007:BB8347
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering bijstandsuitkering wegens verzwegen arbeidsinkomsten
Appellant ontving bijstand als alleenstaande op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Na een melding van het Inlichtingenbureau dat appellant inkomsten uit arbeid had ontvangen zonder dit te melden, heeft het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Roermond een nader onderzoek ingesteld. Uit looninformatie van de werkgever bleek dat appellant van 5 juli 2003 tot en met 26 december 2003 in loondienst was en inkomsten had genoten die niet waren opgegeven.
Het College heeft daarop bij besluiten van september 2005 de bijstand over deze periode herzien en de kosten van bijstand teruggevorderd. De rechtbank verklaarde de beroepen tegen deze besluiten ongegrond. Appellant voerde aan dat hij de inkomsten niet hoefde te melden omdat hij toestemming had om te werken en de werkzaamheden vooral in het weekend plaatsvonden, en stelde dat de inkomsten lager waren dan vastgesteld.
De Raad oordeelt dat appellant de inlichtingenverplichting uit artikel 65 Abw Pro heeft geschonden en dat het College terecht de bijstand heeft herzien en teruggevorderd. De Raad acht de vastgestelde inkomsten juist en wijst het gebrek aan bewijs van appellant af. Ook het beleid van het College wordt niet onredelijk geoordeeld. Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening en terugvordering van bijstand wegens niet-gemelde arbeidsinkomsten.