ECLI:NL:CRVB:2007:BB8512
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Ziektewetuitkering wegens geschiktheid statutair financieel directeur
Appellant was statutair financieel directeur tot november 2000 en ontving daarna een werkloosheidsuitkering. Vanaf januari 2005 meldde hij zich ziek met klachten zoals kortademigheid en vermoeidheid, en gaf aan 'op' te zijn na 40 jaar werken. Medische onderzoeken, waaronder door een bezwaarverzekeringsarts en longarts, concludeerden COPD en een verminderde energetische belastbaarheid, maar geen relevante fysieke of psychische beperkingen die ongeschiktheid voor zijn werk zouden rechtvaardigen.
De bezwaarverzekeringsarts stelde vast dat appellant sinds ontslag in 2000 geen gerichte activiteiten richting een bestuursfunctie had ondernomen, en dat hij op basis van medische gegevens in staat moest worden geacht om 60 uur per week te werken. Appellant voerde aan dat de artsen onzorgvuldig waren door uit te gaan van een werkweek van 40 uur, maar de Raad vond dit niet aannemelijk.
De rechtbank had het eerdere besluit vernietigd maar de rechtsgevolgen in stand gelaten. Het hoger beroep richtte zich tegen dit laatste. De Raad concludeerde dat appellant met ingang van 9 mei 2005 arbeidsgeschikt was verklaard en dat de weigering van de Ziektewetuitkering terecht was. Er was geen nieuwe medische informatie die het standpunt van de artsen ondermijnde. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant niet ongeschikt is voor zijn werk en wijst het hoger beroep af.