ECLI:NL:CRVB:2007:BB8844
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens niet onafgebroken 52 weken arbeidsongeschiktheid
Appellante verzocht om een WAO-uitkering, maar het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) wees dit verzoek af omdat zij vanaf 26 augustus 2002 niet onafgebroken 52 weken arbeidsongeschikt was. Appellante maakte bezwaar, dat door het Uwv werd afgewezen. De rechtbank Arnhem handhaafde dit besluit en oordeelde dat de medische beoordeling van het Uwv en de conclusie dat de wettelijke wachttijd niet was vervuld, juist waren.
In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunten, maar de Centrale Raad van Beroep achtte deze niet voldoende om het eerdere oordeel te wijzigen. De Raad nam daarbij ook in aanmerking dat appellante in 2005 een poging tot zelfmoord had gedaan, wat echter buiten het relevante tijdvak viel. De door de psychiater Buiten verstrekte informatie uit 2005 gaf geen inzicht in de beperkingen van appellante in de periode die voor de WAO-uitkering relevant was.
De Raad zag geen aanleiding om af te wijken van het bestreden besluit en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er waren geen gronden aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, dat een bestuursorgaan kan verplichten een besluit te heroverwegen bij nieuwe feiten of omstandigheden.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens het niet onafgebroken 52 weken arbeidsongeschikt zijn.