ECLI:NL:CRVB:2007:BB9240
Centrale Raad van Beroep
- Herziening
- K.J.S. Spaas
- C.W.J. Schoor
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Verzoek om herziening van onherroepelijke uitspraak Pensioenfonds ABP niet-ontvankelijk verklaard
Verzoekster heeft bij brief van 1 maart 2005 verzocht om herziening van een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 2 maart 2000, waarin reeds een eerdere herzieningsverzoek was afgewezen. Het verzoek betrof een onherroepelijke uitspraak van 23 mei 1996 over het Pensioenfonds ABP.
De Raad heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 8:88 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en artikel 17 van Pro de Beroepswet. Deze bepalingen stellen dat herziening alleen mogelijk is indien er feiten of omstandigheden zijn die voor de uitspraak plaatsvonden, niet bekend waren en bij bekendheid tot een andere uitspraak hadden kunnen leiden.
De Raad overweegt dat het indienen van een herzieningsverzoek tegen een eerdere uitspraak die al met toepassing van artikel 8:88 is Pro gewezen, zinloos is en niet past binnen het systeem van de Awb. Daarom wordt een dergelijk verzoek niet-ontvankelijk verklaard.
Verzoekster heeft geen nieuwe feiten of omstandigheden aangevoerd die afwijken van de vaste jurisprudentie van de Raad. De Raad wijkt niet af van deze lijn en wijst het verzoek af zonder toekenning van proceskostenvergoeding.
De uitspraak is gedaan door voorzitter Spaas en leden Schoor en Van de Kerkhof, met griffier Sonderegger, en uitgesproken in het openbaar op 29 november 2007.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de onherroepelijke uitspraak wordt niet-ontvankelijk verklaard.