ECLI:NL:CRVB:2007:BB9286
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- C.W.J. Schoor
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen korting en terugvordering WAO- en WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid
Appellant, een zelfstandig organisatie-adviseur, ontving sinds 1992 WAO- en WAZ-uitkeringen berekend op basis van een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80 tot 100%. Het UWV had besluiten genomen om de uitkering over 1999 en 2000 te korten vanwege inkomsten uit arbeid en een terugvordering ingesteld.
De rechtbank had het beroep van appellant tegen het eerste terugvorderingsbesluit gegrond verklaard en het UWV opgedragen een nieuw besluit te nemen. Het hoger beroep richt zich onder meer tegen het tweede besluit van het UWV. De Raad oordeelt dat de initiële vaststelling van het maatmaninkomen uit 1994 niet meer in geschil is en verklaart het hoger beroep voor zover tegen de rechtbankuitspraak gericht niet-ontvankelijk.
De Raad stelt vast dat het UWV bij het tweede besluit onvoldoende heeft gespecificeerd welk bedrag van de terugvordering betrekking heeft op het jaar 2000, wat in strijd is met de Awb. Daarom vernietigt de Raad het terugvorderingsbesluit over 2000 en beveelt het UWV een nieuw besluit te nemen. Het beroep tegen de korting over 2000 wordt ongegrond verklaard. Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt voor zover gericht tegen de rechtbankuitspraak niet-ontvankelijk verklaard en het terugvorderingsbesluit over 2000 wordt vernietigd wegens onvoldoende specificatie.