ECLI:NL:CRVB:2007:BC0653
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens ontbreken procesbelang na gewijzigde WAO-beslissing
Appellant stelde hoger beroep in tegen een beslissing van de rechtbank Arnhem die het beroep tegen een UWV-besluit inzake de herziening van zijn WAO-uitkering ongegrond verklaarde. Het UWV had de mate van arbeidsongeschiktheid aanvankelijk vastgesteld op 15 tot 25%, maar heeft later een gewijzigd besluit genomen waarbij deze werd gesteld op 80 tot 100%.
Door deze gewijzigde beslissing heeft appellant aangegeven zich hierin te kunnen vinden en heeft de Raad geconcludeerd dat het hoger beroep niet-ontvankelijk is wegens het ontbreken van procesbelang. De Raad veroordeelde het UWV tot vergoeding van de wettelijke rente over de na te betalen uitkering en in de proceskosten van appellant, waaronder ook de kosten van medische expertises.
De uitspraak benadrukt dat het ontbreken van procesbelang leidt tot niet-ontvankelijkheid, maar dat de Raad wel de vergoeding van gemaakte kosten en wettelijke rente toewijst. Tevens verwijst de Raad naar eerdere jurisprudentie voor de wijze van berekening van de wettelijke rente.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang; het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van wettelijke rente en proceskosten.