ECLI:NL:CRVB:2007:BC1810
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WAO-uitkering en juistheid medische component schatting
Betrokkene heeft een WAO-uitkering waarvan de mate van arbeidsongeschiktheid is vastgesteld tussen 35-45%. Na een besluit van het UWV is deze uitkering verlaagd naar 25-35% met ingang van 22 januari 2004. Betrokkene en het UWV stelden beiden hoger beroep in tegen een eerdere uitspraak van de rechtbank Almelo.
Het hoger beroep van betrokkene richtte zich op het gebruik van functies met een te hoog opleidingsniveau bij de berekening van het inkomensverlies, maar dit werd door de Raad verworpen omdat de arbeidsdeskundige het opleidingsniveau reeds had aangepast. Het hoger beroep van het UWV betrof het claimbeoordelings- en borgingssysteem, waarbij de Raad oordeelde dat het systeem voldoende waarborgt dat overschrijdingen van belastbaarheid worden gesignaleerd.
De Raad vernietigde het deel van de uitspraak dat het UWV opdraagt een nieuw besluit te nemen, en liet de rechtsgevolgen van het besluit van 25 mei 2004 in stand. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtsgevolgen van het besluit van 25 mei 2004 blijven in stand en het UWV hoeft geen nieuw besluit te nemen.