ECLI:NL:CRVB:2008:BC1772
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij WAZ-uitkeringsverhoging
Appellante had bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van haar verzoek tot verhoging van haar WAZ-uitkering, welke was vastgesteld op een arbeidsongeschiktheidspercentage van 65 tot 80%. Na een eerste afwijzing door het UWV en een ongegrondverklaring door de rechtbank Maastricht, stelde appellante hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep.
Tijdens het hoger beroep heeft het UWV een nieuwe beslissing genomen waarin het arbeidsongeschiktheidspercentage van appellante werd verhoogd naar 80 tot 100%. Appellante gaf aan zich te kunnen verenigen met deze nieuwe beslissing en verzocht om veroordeling van het UWV in de proceskosten.
De Raad oordeelde dat door deze nieuwe beslissing het belang bij het hoger beroep was komen te vervallen, waardoor het hoger beroep niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het ontbreken van enig procesbelang. Tevens wees de Raad het verzoek om proceskostenvergoeding af, omdat er geen sprake was van beroepsmatige rechtsbijstand door een derde partij.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang na intrekking van het bestreden besluit.