ECLI:NL:CRVB:2008:BC1784

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
11 januari 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
06-1706 WAO
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens juiste medische beperkingen

Appellante stelde in hoger beroep dat onvoldoende rekening was gehouden met haar diabetes type I en de gevolgen daarvan, waaronder frequente hypoglycemieën en ziekenhuisopnames, waardoor zij niet in staat zou zijn loonvormende arbeid te verrichten.

De Raad heeft de medische gegevens, waaronder het onderzoek van de bezwaarverzekeringsarts en informatie van de internist en huisarts, beoordeeld en vond geen aanleiding om te twijfelen aan het medische oordeel dat de beperkingen juist waren vastgesteld. De Raad concludeerde dat appellantes beperkingen niet zijn onderschat en dat de voorgelegde functies medisch geschikt zijn.

Op grond hiervan bevestigt de Raad de uitspraak van de rechtbank Maastricht die het besluit van het UWV tot intrekking van de WAO-uitkering per 25 januari 2005 rechtmatig achtte. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat de medische beperkingen juist zijn vastgesteld.

Uitspraak

06/1706 WAO
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
op het hoger beroep van:
[appellante] (hierna: appellante),
tegen de uitspraak van de rechtbank Maastricht van 8 februari 2006, 05/788 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellante
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).
Datum uitspraak: 11 januari 2008
I. PROCESVERLOOP
Appellante heeft hoger beroep ingesteld.
Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 16 november 2007, waar partijen niet zijn verschenen.
II. OVERWEGINGEN
De rechtbank heeft bij de aangevallen uitspraak als haar oordeel gegeven dat het Uwv terecht en op goede gronden de uitkering van appellante ingevolge de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering met ingang van 25 januari 2005 heeft ingetrokken. Zij heeft daartoe de juistheid onderschreven van het aan het bestreden besluit van
6 april 2005 ten grondslag liggende standpunt dat appellante, uitgaande van de door de verzekeringsarts ten aanzien van haar vastgestelde beperkingen, per 25 januari 2005 in staat was met de haar voorgehouden functies een zodanig inkomen te verdienen dat het verlies aan verdiencapaciteit minder dan 15% bedraagt.
De van de zijde van appellante in bezwaar en beroep, en thans wederom in hoger beroep, aangevoerde gronden betreffen de medische component van het bestreden besluit. Appellante is - kort samengevat - van mening dat gelet op de waarde van haar bloedsuiker ten tijde van de hoorzitting onvoldoende rekening is gehouden met haar diabetes type I en dat zij door veel hypoglycemieën en ziekenhuisopnames niet in staat is om loonvormende arbeid te vervullen.
De Raad overweegt als volgt.
Evenals de rechtbank heeft de Raad in de in dit geding beschikbare medische en andere gegevens onvoldoende aanknopingspunten gevonden te twijfelen aan de juistheid van het aan het bestreden besluit ten grondslag gelegde medische oordeel. De Raad stelt in dit kader vast dat de bezwaarverzekeringsarts na onderzoek van appellante en na het meewegen van de informatie van de behandelende internist en huisarts afdoende heeft gemotiveerd waarom de beperkingen in het belastbaarheidspatroon juist zijn vastgesteld.
Op grond van het bovenstaande moet worden vastgesteld dat appellantes medische beperkingen niet zijn onderschat. Uitgaande van de juistheid van de vastgestelde belastbaarheid bestaat evenmin grond om ervan uit te gaan dat de aan appellantes voorgehouden functies voor haar in medisch opzicht niet geschikt zouden zijn.
Het vorenstaande betekent dat de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking komt.
De Raad acht geen termen aanwezig voor een proceskostenveroordeling.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze uitspraak is gedaan door R.C. Stam. De beslissing is, in tegenwoordigheid van J.E.M.J. Hetharie als griffier, uitgesproken in het openbaar op 11 januari 2008.
(get.) R.C. Stam.
(get.) J.E.M.J. Hetharie.
MH