ECLI:NL:CRVB:2008:BC2828
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Herroeping intrekking WAO-uitkering wegens onjuiste beoordeling arbeidsongeschiktheid
Appellante maakte bezwaar tegen de intrekking van haar WAO-uitkering per 27 april 2002, waarbij het UWV oordeelde dat zij haar eigen werk van consulente/intercedente weer kon verrichten. De rechtbank had het UWV-onderzoek gevolgd, ondanks gemotiveerde kritiek van appellante en haar psychiater De Jong. De Centrale Raad van Beroep heeft echter geoordeeld dat de rechtbank onvoldoende aandacht heeft besteed aan de kritiek en dat het UWV de psychische beperkingen van appellante heeft onderschat.
De Raad heeft een onafhankelijke psychiater, Koerselman, geraadpleegd die bevestigde dat appellante beperkt was in haar psychische belastbaarheid en daardoor ongeschikt voor haar eigen werk. Het UWV heeft deze conclusies niet betwist, maar het verzoek om een urenbeperking werd ingetrokken. De Raad vernietigt het bestreden besluit en herroept het oorspronkelijke besluit van 4 maart 2002.
Daarnaast is vastgesteld dat appellante schade heeft geleden door de vertraagde uitbetaling van de uitkering. Het UWV is veroordeeld tot vergoeding van deze schade en de proceskosten van appellante in zowel beroep als hoger beroep. De Raad bepaalt dat appellante met ingang van 27 april 2002 recht heeft op een WAO-uitkering berekend naar een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt vernietigd en herroepen, en appellante krijgt recht op uitkering met een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%.