ECLI:NL:CRVB:2008:BC2852
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen herzieningsbesluit WAO-uitkering met toekenning proceskosten en rentevergoeding
Appellante stelde hoger beroep in tegen het besluit van het UWV om haar WAO-uitkering te herzien en te verlagen naar een arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65%, met ingang van 25 november 2004. De rechtbank Dordrecht verklaarde het beroep ongegrond. Tijdens de behandeling bij de Centrale Raad van Beroep trok het UWV het bestreden besluit in en herzag het eerdere besluit, waardoor de WAO-uitkering ongewijzigd bleef op een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep gegrond onder vernietiging van het bestreden besluit. Tevens veroordeelde de Raad het UWV tot betaling van de proceskosten van appellante in beide instanties, begroot op €1.288,-, en tot vergoeding van het betaalde griffierecht van €140,-. Daarnaast werd het UWV verplicht tot vergoeding van wettelijke rente over de na te betalen uitkering.
De uitspraak benadrukt dat het niet langer handhaven van het bestreden besluit meebrengt dat de gevorderde rente over de uitkering voor vergoeding in aanmerking komt, met verwijzing naar eerdere jurisprudentie. Hiermee is appellante in het gelijk gesteld en krijgt zij volledige compensatie voor de gemaakte kosten en de financiële gevolgen van het eerdere besluit.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het UWV veroordeeld tot betaling van proceskosten, griffierecht en wettelijke rente.