ECLI:NL:CRVB:2008:BC3342
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- F.J.L. Pennings
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks betwisting medische beperkingen
Appellant, geboren in 1950 en sinds 1975 in Nederland, ontving een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid na rugklachten. Na herbeoordelingen in 1997 en 2003 werd zijn uitkering verlaagd van 80-100% naar 55-65% arbeidsongeschiktheid. Appellant maakte bezwaar tegen deze herzieningen en voerde aan dat zijn medische beperkingen onderschat waren.
De primaire verzekeringsarts baseerde zich op medische rapporten, waaronder onderzoeken in Turkije door specialisten en een functionele mogelijkhedenlijst (FML). De bezwaarverzekeringsarts en arbeidsdeskundigen bevestigden de eerdere beoordeling. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad toetste of de medische grondslag zorgvuldig was vastgesteld.
De Raad concludeerde dat de medische informatie, ook die door appellant was ingebracht, geen aanleiding gaf tot een andere beoordeling. Psychische beperkingen werden erkend, maar niet als zodanig ernstig dat appellant geen benutbare mogelijkheden meer had. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en sprak geen proceskostenveroordeling uit.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering en verklaart het hoger beroep ongegrond.