ECLI:NL:CRVB:2008:BC3735
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- J.F. Bandringa
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Geen dringende reden voor afzien van terugvordering WAZ-uitkering ondanks ernstige ziekte
Betrokkene kreeg over de periode 1999-2002 een te hoge uitkering WAZ en toeslag TW ter waarde van €15.846,43, die door appellant werd teruggevorderd. Betrokkene voerde aan dat terugvordering onaanvaardbare financiële problemen en lijdensdruk veroorzaakt vanwege zijn ernstige alvleesklierkanker en de ziekte van zijn echtgenote.
De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en vernietigde het terugvorderingsbesluit, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak en verklaart het beroep ongegrond. De Raad stelt dat dringende redenen slechts kunnen bestaan bij bijzondere en uitzonderlijke omstandigheden die onaanvaardbare sociale of financiële gevolgen veroorzaken.
Hoewel betrokkene ernstige medische behandelingen ondergaat en financiële beperkingen heeft, is onvoldoende gebleken dat de terugvordering tot onaanvaardbare gevolgen leidt. Ook is vastgesteld dat de terugbetalingsregeling rekening houdt met de beslagvrije voet. De Raad concludeert dat het beroep ongegrond is en bevestigt de terugvordering.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van de teveel betaalde uitkering wordt gehandhaafd.