ECLI:NL:CRVB:2008:BC5018
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep wegens niet-ontvankelijkheid bij termijnoverschrijding bezwaarschrift
Appellante maakte bezwaar tegen een berekeningsbeschikking van de Pensioen- en Uitkeringsraad, waarbij een uitkering voorlopig was berekend en niet werd uitbetaald over de periode juni tot en met december 2006. Het bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de wettelijke termijn van zes weken voor het indienen van een bezwaarschrift.
Appellante gaf aan dat zij vanwege haar leeftijd de beschikking niet begreep en dat haar dochter niet altijd op de hoogte was van de post die zij ontving. De Raad oordeelde dat appellante zich tijdig tot een derde had moeten wenden om haar belangen te behartigen en dat de omstandigheid dat de dochter niet altijd op de hoogte was, voor rekening van appellante komt.
De Centrale Raad van Beroep handhaafde het besluit tot niet-ontvankelijkheid en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend. Het beroep werd afgewezen omdat de termijnoverschrijding niet verontschuldigd kon worden.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens niet-ontvankelijkheid door overschrijding van de bezwaartermijn.