ECLI:NL:CRVB:2008:BC5561
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Beoordeling eerste arbeidsongeschiktheidsdag en WAO-verzekering bij betrokkene met persoonlijkheidsstoornis
De zaak betreft het hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen tegen een uitspraak van de rechtbank Almelo die het besluit tot afwijzing van een WAO-uitkering aan betrokkene vernietigde. Betrokkene had een aanvraag ingediend op 18 januari 2002, maar appellant stelde dat hij ten tijde van het ontstaan van de arbeidsongeschiktheid niet verzekerd was.
De Raad overwoog dat de psychische klachten van betrokkene, die ten grondslag liggen aan de arbeidsongeschiktheid, al vóór 10 januari 2002 aanwezig waren. Dit blijkt uit het deskundigenrapport van prof. dr. H.F. Kraan, waaruit een persoonlijkheidsstoornis sinds 1995 blijkt. De Raad achtte aannemelijk dat de arbeidsongeschiktheid eerder was ingetreden dan appellant had aangenomen.
De Raad benadrukte dat de vaststelling van de eerste arbeidsongeschiktheidsdag arbitrair kan zijn, maar dat appellant een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van de bevindingen. Tevens wees de Raad erop dat een WAO-uitkering niet met terugwerkende kracht langer dan een jaar kan worden toegekend en dat de wettelijke wachttijd van 52 weken in acht moet worden genomen.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde de vernietiging van het bestreden besluit en bepaalde dat appellant een nieuw besluit op bezwaar moet nemen. Het griffierecht werd vastgesteld op €433,-.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vernietiging van het besluit en bepaalt dat appellant een nieuw besluit neemt met inachtneming van de uitspraak.