ECLI:NL:CRVB:2008:BC5666
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering ondanks bijzondere belasting
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam waarin haar verzoek om een WAO-uitkering werd afgewezen. Het UWV had eerder besloten geen uitkering toe te kennen omdat appellante wel beperkingen ondervond, maar geschikt werd geacht voor bepaalde functies die door een arbeidsdeskundige waren geselecteerd.
De Raad nam het standpunt van de rechtbank over dat de medische beperkingen die door de verzekeringsartsen waren vastgesteld, inclusief de whiplashklachten van appellante, niet te gering waren. Appellante leverde in hoger beroep geen nieuwe informatie die aanleiding gaf om aan deze bevindingen te twijfelen.
Appellante voerde aan dat de functies een bijzondere belasting bevatten die haar belastbaarheid te boven zou gaan, en dat het UWV dit nader moest motiveren. De Raad verwees echter naar een eerdere uitspraak waarin werd uitgelegd dat het begrip "bijzondere belasting" niet automatisch betekent dat de normaalwaarde wordt overschreden.
Daarom oordeelde de Raad dat appellante, met inachtneming van de beperkingen, geschikt was voor de geselecteerde functies en wees het hoger beroep af. Er waren geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de weigering van de WAO-uitkering wordt bevestigd.