ECLI:NL:CRVB:2008:BC6184
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt besluit UWV over correctienota’s premieloon horecaondernemer
Appellante exploiteerde twee horecabedrijven in Groningen en ontving correctienota’s van het UWV over de premiejaren 1999 tot en met 2001. Na looncontrole bleek dat in veel gevallen geen loonbelastingverklaring of legitimatiebewijs aanwezig was, en dat het brutoloon lager werd vastgesteld dan volgens de collectieve arbeidsovereenkomst. Het UWV paste het anoniementarief toe en het Fooienbesluit bij de herberekening van het premieloon.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV het anoniementarief terecht toepaste en dat appellante gehouden was de benodigde documenten te bewaren. Wel stelde de Raad vast dat het UWV het Fooienbesluit niet correct had toegepast, omdat het gebruteerde loon vergeleken moest worden met het bruto minimumloon uit de collectieve arbeidsovereenkomst.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en droeg het UWV op een nieuw besluit te nemen, waarbij ook het anoniementarief over 2000 en 2001 in aanmerking moet worden genomen. Tevens veroordeelde de Raad het UWV tot vergoeding van de proceskosten van appellante. Het beroep werd gegrond verklaard en het besluit van 30 maart 2004 vernietigd.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met correcte toepassing van het anoniementarief en het Fooienbesluit.