ECLI:NL:CRVB:2008:BC6259
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- J. Riphagen
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant, werkzaam als technisch medewerker in een Melkertbaan, moest zijn werk staken wegens rugklachten. Het UWV weigerde hem een WAO-uitkering toe te kennen omdat hij met gangbare functies nog voldoende verdiencapaciteit zou hebben. Na bezwaar en heroverwegingen door medische en arbeidsdeskundige experts werd het besluit gehandhaafd. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de medische rapportages en de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) een juiste weerspiegeling van de beperkingen van appellant vormen.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn bezwaren over de medische grondslag en arbeidsmogelijkheden, maar slaagde er niet in nieuwe objectieve medische gegevens aan te dragen die tot een ander oordeel zouden leiden. De Raad achtte de toelichtingen van de bezwaararbeidsdeskundige en de medische experts voldoende en vond geen aanleiding de eerdere beslissingen te wijzigen.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom de aangevallen uitspraak en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen toepassing gegeven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer op 29 februari 2008.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen de weigering van de WAO-uitkering wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.