ECLI:NL:CRVB:2008:BC6522
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit herziening WAO-uitkering en maatregel
Appellant stelde hoger beroep in tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering ongewijzigd voort te zetten op basis van een arbeidsongeschiktheidsklasse van 45 tot 55%. Het bezwaar van appellant werd deels gegrond verklaard, waardoor de uitkering werd herzien naar 55 tot 65% arbeidsongeschiktheid met een maatregel van 20% gedurende 16 weken. Later gaf het UWV aan het standpunt in het bestreden besluit niet langer te handhaven en achtte appellant volledig arbeidsongeschikt vanaf 11 december 2003.
De Raad concludeerde dat het bestreden besluit en de aangevallen uitspraak vernietigd moeten worden. Tevens oordeelde de Raad dat het UWV een nieuw besluit op bezwaar moet nemen. De grief over de maatman werd verworpen omdat het UWV een urenomvang van 59 uur per week hanteerde en geen reden zag voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Awb.
De Raad bepaalde dat het UWV het betaalde griffierecht aan appellant moet vergoeden en sprak de uitspraak uit in het openbaar op 12 maart 2008.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het UWV moet een nieuw besluit nemen over de WAO-uitkering vanaf 11 december 2003.