ECLI:NL:CRVB:2008:BC6693
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening bij hoger beroep WWB-besluit
Verzoeker heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Leeuwarden inzake de afwijzing van bijstand en bedrijfskapitaal op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004). Tevens verzocht hij om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep overweegt dat een voorlopige voorziening alleen kan worden getroffen indien onverwijlde spoed dat vereist, gelet op de belangen. Uit de feiten blijkt dat verzoeker inmiddels bijstand ontvangt van een andere gemeente, een stage volgt en het gehuurde winkelpand niet meer exploiteert. Ook is rekening gehouden met de beslagvrije voet waardoor verzoeker voldoende middelen heeft.
Gezien het ontbreken van een zwaarwegend belang en het feit dat het geschil ziet op een afgesloten tijdvak, is er geen aanleiding om de voorlopige voorziening toe te kennen. Het verzoek wordt daarom afgewezen. De uitspraak is gedaan op 11 maart 2008 door de voorzieningenrechter R.H.M. Roelofs.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van een spoedeisend belang.