ECLI:NL:CRVB:2008:BC7718
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- C.W.J. Schoor
- H. Bedee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na herbeoordeling arbeidsongeschiktheid
Appellante ontving sinds 1999 een WAO-uitkering op basis van een arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Na een herbeoordeling door verzekeringsarts en arbeidsdeskundige werd haar arbeidsongeschiktheid vastgesteld op 0%, waarna haar uitkering per 8 juli 2004 werd ingetrokken. Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het bezwaar werd ongegrond verklaard.
In hoger beroep stelde appellante dat zij meer klachten had dan erkend, waaronder gewrichtsklachten, en dat de functies die haar waren toegewezen te hoog waren. De Raad beoordeelde de medische en arbeidskundige rapportages, waaronder aanvullende stukken van de huisarts en bedrijfsarts, maar vond geen aanleiding om het oordeel over de arbeidsongeschiktheid te wijzigen.
De Raad oordeelde dat de arbeidskundige grondslag van het besluit, na correcties en nadere toelichting door het UWV, voldoende gemotiveerd was. De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en veroordeelde het UWV tot vergoeding van de proceskosten van appellante.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellante.