ECLI:NL:CRVB:2008:BD1903
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk na intrekking besluit beëindiging Ziektewetuitkering
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Arnhem waarin haar beroep tegen de beëindiging van haar Ziektewetuitkering ongegrond werd verklaard. Het UWV had bij een besluit op bezwaar de beëindiging van de uitkering per 1 november 2005 gehandhaafd.
Tijdens de procedure heeft het UWV een nieuw besluit genomen waarin het bezwaar van appellante alsnog gegrond werd verklaard en zij recht hield op ziekengeld vanaf 1 november 2005. Hierdoor is het oorspronkelijke bezwaar geheel ingewilligd.
De Centrale Raad van Beroep stelt vast dat appellante geen belang meer heeft bij het hoger beroep tegen het eerdere besluit en verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk. Daarnaast veroordeelt de Raad het UWV in de proceskosten van appellante, inclusief vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het bezwaar van appellante volledig is gehonoreerd.