ECLI:NL:CRVB:2008:BD2144
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijk verklaring hoger beroep wegens ontbreken procesbelang bij WAO-uitkeringsgeschil
Appellant stelde hoger beroep in tegen een besluit van het Uwv waarin hem geen WAO-uitkering werd toegekend vanwege een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. Het Uwv nam na vragen van de Raad een nieuw besluit op bezwaar van 30 november 2007, waarin aan appellant een uitkering werd toegekend met een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100% met ingang van 26 maart 1997.
Appellant stemde in met dit nieuwe besluit maar wilde het hoger beroep niet intrekken. De Raad overwoog dat het nieuwe besluit het hoger beroep geheel tegemoet kwam, waardoor het procesbelang in het hoger beroep was komen te vervallen. Er was geen verzoek om een schadevergoeding of ander belang dat een inhoudelijke beoordeling rechtvaardigde.
Daarom verklaarde de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van enig procesbelang. Tevens werd bepaald dat het Uwv het betaalde griffierecht aan appellant vergoedt.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van enig procesbelang.