ECLI:NL:CRVB:2008:BD2250
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- R.L. Rijnen
- Rechtspraak.nl
Intrekking WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid na auto-ongeval
Appellante, een productiemedewerkster met nekklachten door een auto-ongeval, kreeg aanvankelijk een WAO-uitkering op basis van 80-100% arbeidsongeschiktheid. Het UWV trok deze uitkering in per 11 oktober 2005 omdat de arbeidsongeschiktheid minder dan 15% zou zijn. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar in hoger beroep stelde appellante dat het UWV geen recente medische informatie had opgevraagd en dat haar beperkingen niet juist waren beoordeeld.
De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was, ondanks het ontbreken van recente medische gegevens, omdat er geen lopende specialistische behandeling was op de datum van beoordeling. Wel stelde de Raad vast dat de functionele mogelijkhedenlijst (FML) onjuist was toegepast, met name bij het aspect frequent reiken, waarbij een lichtere beperking werd aangenomen dan eerder vastgesteld.
De Raad verwierp het verweer van de bezwaarverzekeringsarts dat de beperkingen terecht waren versoepeld en concludeerde dat het bestreden besluit in strijd was met de Awb. Het besluit werd vernietigd en het UWV werd opgedragen een nieuw besluit te nemen. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt vernietigd en het UWV moet een nieuw besluit nemen.