ECLI:NL:CRVB:2008:BD3728
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- K. Zeilemaker
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking bijstand wegens overschrijding opschortingstermijn en toewijzing schadevergoeding
Appellante ontving bijstand op grond van de WWB, maar het College schortte haar recht op bijstand op vanwege het niet tijdig indienen van een rechtmatigheidsformulier. Na overschrijding van de wettelijke opschortingstermijn van acht weken, introk het College de bijstand met terugwerkende kracht tot 1 februari 2005.
Appellante stelde zich in hoger beroep op het standpunt dat de intrekking niet rechtsgeldig was omdat de opschortingstermijn was overschreden. De Raad oordeelde dat het College niet bevoegd was de bijstand in te trekken op grond van artikel 54, vierde lid, WWB na het verstrijken van de opschortingstermijn. Hierdoor was het besluit in strijd met artikel 3:4, tweede lid, Awb.
Daarnaast werd de afwijzing van een nieuwe aanvraag om bijstand vernietigd omdat deze aanvraag niet nodig was zolang de bijstand niet rechtsgeldig was ingetrokken. Het verzoek om schadevergoeding wegens gederfd woongenot werd deels toegewezen: wettelijke rente werd toegekend, maar vergoeding voor immateriële schade werd afgewezen wegens onvoldoende bewijs van ernstig persoonlijk letsel.
De Raad veroordeelde het College tot vergoeding van proceskosten en het betaalde griffierecht. Het College werd tevens veroordeeld tot schadevergoeding aan appellante, te betalen door de gemeente Aalsmeer.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand wordt vernietigd en het College wordt veroordeeld tot schadevergoeding en proceskosten.