ECLI:NL:CRVB:2008:BD3742
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging WAO-uitkering wegens voldoende medische en arbeidskundige beoordeling
Appellante, die sinds november 2000 wegens psychische klachten arbeidsongeschikt is, kreeg aanvankelijk een WAO-uitkering van 80 tot 100% arbeidsongeschiktheid toegekend. In 2004 werd deze mate van arbeidsongeschiktheid verlaagd naar 15 tot 25%. Appellante maakte bezwaar tegen deze verlaging, maar het UWV verklaarde dit bezwaar ongegrond. De rechtbank Roermond oordeelde dat de medische en arbeidskundige onderzoeken zorgvuldig waren uitgevoerd en dat appellante, rekening houdend met haar beperkingen, in staat was tot het verrichten van bepaalde functies.
In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De Raad vond geen aanleiding om de medische beoordeling van het UWV in twijfel te trekken, mede omdat de aanvullende medische informatie betrekking had op een latere periode en niet wezenlijk afweek van de eerdere bevindingen. Ook de arbeidskundige beoordeling werd als zorgvuldig en juist beoordeeld, waarbij appellante geacht werd in staat te zijn tot het verrichten van de voorgestelde functies.
De Raad concludeerde dat het beroep van appellante ongegrond was en bevestigde de verlaging van de WAO-uitkering. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter J.W. Schuttel op 23 mei 2008.
Uitkomst: De verlaging van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat de medische en arbeidskundige beoordelingen zorgvuldig en juist zijn uitgevoerd.