ECLI:NL:CRVB:2008:BD3949
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV intrekking arbeidsongeschiktheidsuitkering en toekenning wettelijke rente
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om haar arbeidsongeschiktheidsuitkering, berekend op een mate van 80 tot 100%, met ingang van 13 januari 2005 in te trekken. De rechtbank Assen verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep heeft het UWV ter zitting aangegeven het bestreden besluit niet langer te onderschrijven en dit besluit in te trekken.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het bestreden besluit en de aangevallen uitspraak niet langer rechtens juist zijn en vernietigt deze. Tevens wordt het UWV verplicht een nieuw besluit te nemen waarin de arbeidsongeschiktheid van appellante ongewijzigd wordt vastgesteld. Verder wordt appellante de wettelijke rente toegekend over de na te betalen uitkering conform vaste rechtspraak.
Tot slot veroordeelt de Raad het UWV in de proceskosten van appellante in zowel beroep als hoger beroep en bepaalt dat het griffierecht wordt vergoed. Deze uitspraak bevestigt het belang van zorgvuldigheid bij het vaststellen van arbeidsongeschiktheid en de gevolgen van intrekking van besluiten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd, het UWV moet een nieuw besluit nemen en wordt veroordeeld tot betaling van wettelijke rente en proceskosten.