ECLI:NL:CRVB:2008:BD4730
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldige beoordeling medische geschiktheid voor functies
Appellante ontving sinds 1995 een WAO-uitkering wegens psychische klachten die haar arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100% veroorzaakten. In 2005 herbeoordeelde het UWV haar arbeidsongeschiktheid na medisch onderzoek en arbeidsdeskundige analyse, waarna werd geconcludeerd dat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 15% bedroeg en haar WAO-uitkering werd beëindigd.
Appellante maakte bezwaar tegen deze beslissing en voerde aan dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en onvoldoende rekening hield met haar psychische klachten. Zij stelde dat er geen onafhankelijk psychiatrisch onderzoek was gedaan en dat zij de voorgehouden functies niet kon vervullen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de arbeidskundige onderbouwing voldoende was.
In hoger beroep herhaalde appellante haar bezwaren, maar de Centrale Raad van Beroep volgde de rechtbank. De Raad vond geen aanleiding tot het gelasten van een aanvullend deskundigenonderzoek en oordeelde dat het bestreden besluit voldeed aan de vereisten voor onderbouwing en toelichting, ook wat betreft de geschiktheid van de voorgehouden functies. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de intrekking van haar WAO-uitkering bevestigd.