ECLI:NL:CRVB:2008:BD5232
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens onvoldoende medische en arbeidskundige grondslag
Appellant, werkzaam als beveiligingsmedewerker, meldde zich arbeidsongeschikt per 17 december 2003 vanwege rechteroog- en hoofdpijnklachten. Het UWV weigerde een WAO-uitkering op grond van een medische beoordeling door arts H.I. Jansen en een arbeidsdeskundige rapportage, waarin het verlies aan verdienvermogen op 8,85% werd vastgesteld. Het bezwaar werd ongegrond verklaard, waarbij rekening werd gehouden met concentratiebeperkingen door hoofdpijn.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en onderschreef de medische en arbeidskundige grondslag van het besluit. In hoger beroep herhaalde appellant zijn bezwaren over de belastbaarheid en de geduide functies, maar de Raad vond geen aanleiding om het oordeel te wijzigen. De Raad stelde vast dat de medische gegevens van de behandelend oogarts geen ernstiger beperkingen aantoonden en dat de functies als medisch geschikt waren toegelicht.
De Raad concludeerde dat het hoger beroep niet slaagt en wees het verzoek tot schadevergoeding af. Er waren geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. De aangevallen uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens voldoende medische en arbeidskundige grondslag.