ECLI:NL:CRVB:2008:BD5297
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th. C. van Sloten
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenplicht en doorlopende autohandel
Appellanten ontvingen bijstandsuitkering sinds 1983. Na een onderzoek naar het bezit van een waardevolle auto en vermoedens van doorlopende autohandel heeft het College de bijstand ingetrokken en teruggevorderd over de periode 1997-2004.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van bezwaar tegen het terugvorderingsbesluit, en vernietigde het besluit voor appellant maar handhaafde de rechtsgevolgen. Het beroep tegen de intrekking per 1 oktober 2004 werd ongegrond verklaard.
In hoger beroep oordeelt de Raad dat appellant inderdaad doorlopende handel in auto's verrichtte, wat op geld waardeerbare werkzaamheden zijn die gemeld hadden moeten worden. Door het ontbreken van administratie kon het recht op bijstand niet worden vastgesteld, waardoor intrekking en terugvordering terecht zijn.
De Raad wijst het beroep van appellanten af en bevestigt de eerdere uitspraak. Er zijn geen bijzondere omstandigheden die tot afzien van intrekking of terugvordering leiden, en het beroep op verjaring en gelijkheidsbeginsel faalt eveneens.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand wegens niet-gemelde autohandel en schending van de inlichtingenplicht worden bevestigd.