ECLI:NL:CRVB:2008:BD6627
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wegens ontbreken blijvende invaliditeit
Appellante, geboren in 1944 in het voormalige Nederlands-Indië, diende in juli 2005 een aanvraag in om erkend te worden als burger-oorlogsslachtoffer op grond van gezondheidsklachten die zij toeschrijft aan haar oorlogservaringen tijdens de Bersiap-periode.
De Pensioen- en Uitkeringsraad wees de aanvraag af omdat zij oordeelde dat appellante geen blijvende lichamelijke of psychische invaliditeit had opgelopen als gevolg van het oorlogsgeweld. Dit besluit werd na bezwaar gehandhaafd.
De Centrale Raad van Beroep heeft het beroep beoordeeld aan de hand van medische adviezen van een psychiater en andere medisch specialisten. De Raad vond geen aanleiding om te twijfelen aan de volledigheid en juistheid van het onderzoek en concludeerde dat de beperkingen door psychische klachten te gering zijn om van blijvende invaliditeit te spreken.
Daarom verklaarde de Raad het beroep ongegrond en wees zij een vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit tot afwijzing van de aanvraag wordt gehandhaafd.