ECLI:NL:CRVB:2008:BD6928
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Verjaringstermijn terugvordering onverschuldigde bijstandsuitkering begint bij bekendheid bestuursorgaan met feiten
Appellante ontving een bijstandsuitkering en meldde niet dat zij gedurende een periode ook een ouderdomspensioen ontving. De Commissie Sociale Zekerheid van de gemeente Breda herzag de bijstand en vorderde terugbetaling wegens onverschuldigde uitkering. Na bezwaar en eerdere uitspraak van de Raad werd het terugvorderingsbesluit aangepast.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het terugvorderingsbesluit ongegrond en oordeelde dat verjaring niet aan terugvordering in de weg staat. Appellante ging in hoger beroep tegen dit oordeel over verjaring.
De Raad stelde vast dat de verjaringstermijn van vijf jaar begint te lopen op het moment dat het bestuursorgaan bekend is met feiten die terugvordering rechtvaardigen. In deze zaak was dat in februari 2002, waarna binnen de termijn een terugvorderingsbesluit werd genomen. Daarom is geen sprake van verjaring en wordt het hoger beroep afgewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat geen sprake is van verjaring en wijst het hoger beroep af.