ECLI:NL:CRVB:2008:BD7433
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens geschiktheid voor maatgevende arbeid
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij verdergaand arbeidsongeschikt is en niet in staat om arbeid te verrichten, mede op basis van medische informatie van zijn neuroloog. De Raad oordeelt dat de medische gegevens geen aanknopingspunten bieden om de beperkingen van appellant op 1 maart 2003 onvoldoende erkend te achten. De bezwaarverzekeringsarts van het UWV heeft de medische informatie van de neuroloog beoordeeld en deze leidde niet tot aanpassing van de functionele mogelijkhedenlijst (FML).
Het UWV heeft appellant per 3 april 2003 de WAO-uitkering geweigerd wegens het ontbreken van toegenomen arbeidsongeschiktheid. De rechtbank heeft dit besluit bevestigd en de Raad onderschrijft dit oordeel. De medische beoordeling is volgens de Raad zorgvuldig en juist uitgevoerd, en appellant wordt geacht geschikt te zijn voor de maatgevende arbeid bij zijn werkgever.
Het hoger beroep tegen de weigering van de WAO-uitkering wordt afgewezen. De Raad ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en bevestigt de eerdere uitspraken van de rechtbank.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens geschiktheid voor de maatgevende arbeid.