ECLI:NL:CRVB:2008:BD9306
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- K.J. Kraan
- J.L.P.G. van Thiel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontheffing teamleider en plaatsing in groepsfunctie I bij Belastingdienst
Appellant was sinds 1 januari 2003 benoemd tot teamleider en lid van het collegiaal bestuur bij de Belastingdienst. Begin 2004 sprak het Managementteam het vertrouwen in appellant op, waarna hij enige tijd thuis zat en later tijdelijke werkzaamheden verrichtte. Medio 2004 werd appellant feitelijk ontheven uit zijn functie, hoewel deze ontheffing pas schriftelijk in 2006 werd bevestigd.
Appellant voerde aan dat hij pas in 2006 van de ontheffing op de hoogte was gesteld en dat een mondelinge beslissing niet onaantastbaar is. De Raad oordeelde echter dat er geen concrete aanwijzingen zijn dat appellant in januari 2004 schriftelijk of ondubbelzinnig is geïnformeerd over zijn ontheffing. Wel was de benoeming van een ander in zijn functie in 2004 een impliciete mededeling van zijn ontheffing.
Het bezwaar van appellant tegen de ontheffing was bij het bestreden besluit niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn. Ook het bezwaar tegen zijn plaatsing in groepsfunctie I werd ongegrond verklaard. De Raad bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af, waarbij geen proceskosten worden toegewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de ontheffing en de plaatsing in groepsfunctie I en wijst het hoger beroep af.