ECLI:NL:CRVB:2008:BD9372
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- C.P.M. van de Kerkhof
- H. Bedee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit terugvordering WAZ-uitkering wegens onzorgvuldige voorbereiding
De zaak betreft een hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen tegen een uitspraak van de rechtbank Breda die het besluit tot terugvordering van een WAZ-uitkering vernietigde. Betrokkene had verzocht om herziening van besluiten waarin de uitkering wegens inkomsten uit arbeid was stopgezet en teruggevorderd.
Appellant stelde dat geen sprake was van nieuwe feiten die herziening rechtvaardigen, terwijl betrokkene een brief van de Belastingdienst overlegde waarin een correctie van zijn inkomsten werd bevestigd. De rechtbank oordeelde dat appellant onvoldoende had gemotiveerd waarom deze correctie geen aanleiding was tot herziening.
De Centrale Raad van Beroep stelt vast dat de brief van de Belastingdienst een nieuw feit is in de zin van de Awb, dat appellant had moeten onderzoeken. Het onderzoek ontbrak, waardoor het bestreden besluit onzorgvuldig was voorbereid. De Raad wijst ook de motiveringen van appellant af, omdat de rapporten van arbeidsdeskundigen onvoldoende onderbouwing bieden.
Daarmee bevestigt de Raad de uitspraak van de rechtbank en legt een griffierecht op aan appellant.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vernietiging van het bestreden besluit wegens onzorgvuldige voorbereiding en legt een griffierecht op aan appellant.