ECLI:NL:CRVB:2008:BE0046
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Ziektewetuitkering wegens ontbreken ziekte of gebrek
Appellant, laatstelijk werkzaam als productiemedewerker, meldde zich ziek met rug-, hoofdpijn- en psychische klachten tijdens een WW-uitkering. Medisch onderzoek wees uit dat hij niet ongeschikt was voor zijn werkzaamheden. De uitkering werd geweigerd en dit besluit bleef gehandhaafd na bezwaar en beroep.
De Raad overwoog dat de medische onderzoeken, inclusief die van bezwaarverzekeringsartsen, zorgvuldig waren uitgevoerd en dat de geconstateerde aanpassingsstoornis geen ziekte of gebrek in de zin van de Ziektewet is. De door appellant ingebrachte aanvullende medische informatie gaf geen aanleiding tot herziening van het oordeel.
De Raad concludeerde dat appellant terecht geen verdere Ziektewetuitkering ontvangt omdat hij niet medisch ongeschikt is voor zijn laatst verrichte werk. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Ziektewetuitkering wegens het ontbreken van een ziekte of gebrek en onvoldoende medische ongeschiktheid.