ECLI:NL:CRVB:2008:BE9215
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.L.M.J. Stevens
- Rechtspraak.nl
Afwijzing gelijkstelling met vervolgingsslachtoffer wegens ontbreken ziekten of gebreken
Appellant, geboren in 1933 in Nederlands-Indië, vroeg op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 een periodieke uitkering aan, verwijzend naar zijn ervaringen tijdens de Japanse bezetting en het overlijden van zijn vader bij de torpedering van de Junyo Maru in 1944.
De Pensioen- en Uitkeringsraad wees de aanvraag af omdat er bij appellant geen ziekten of gebreken waren vastgesteld die redelijkerwijs verband houden met het overlijden van zijn vader, waardoor geen gelijkstelling met een vervolgd persoon kon plaatsvinden. Dit besluit werd na bezwaar gehandhaafd.
De Raad overwoog dat de bevoegdheid tot gelijkstelling discretionair is en slechts terughoudend kan worden getoetst. Medische adviezen, gebaseerd op onderzoek door arts Nasheed-Linssen, toonden aan dat de psychische klachten van appellant vooral voortkomen uit andere oorzaken dan het overlijden van zijn vader.
Gezien deze medische informatie en het ontbreken van directe gevolgen van het overlijden voor de psychische gesteldheid, oordeelde de Raad dat het besluit van de verweerster redelijk was en het beroep ongegrond verklaard moest worden.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de gelijkstelling met een vervolgingsslachtoffer blijft in stand.